TERUG IN DE TIJD (Aflevering 8)

Bij het 125-jarig bestaan van de harmonie werd een jubileumboekje uitgegeven dat beknopt en onvolledig was. Zo stond er een ingezonden stuk in over het Steigerfeest te Walsoorden op 18 mei 1873. Altijd gedacht dat men op Walsoorden een feest goed kon organiseren, viel het volgens de briefschrijver op dat het één grote puinhoop was.         Het is dan wel lang geleden, maar toch. Een feestcommissie die maanden van tevoren alles tot in de puntjes regelt, wordt door het slijk gehaald door iemand van Kloosterzande. Was die kritiek terecht? Of was het jaloezie of staan de beste stuurlui aan de Walsoordense wal? Al bij al een moeilijk geval……         Enige jaren geleden vond ik in de jaargang 1873 van de “Terneuzensche Courant”, tussen de advertenties en het buitenlands nieuws echter een ‘ingezonden stuk uit Hontenisse.’ Ik kon mijn ogen nauwelijks geloven, het ging over het verguisde Steigerfeest te Walsoorden. De krant zelf had geen aandacht aan het feest geschonken, wel was er een artikel op 17 april met het programma opgenomen:

“Naar men van goede zijde verneemt, zal de steiger te Walsoorden in de eerste helft der maand Mei gereed zijn en zal alsdan ook voor de vaart in dienst kunnen worden gesteld. Deze in dienststelling zal, zooals men hoort, alsdan op 18 mei, nadat de werken zijn opgenomen en goedgekeurd-feestelijk worden gevierd. De daarvoor benoemde en thans reeds druk werkzaam zijnde commissie heeft de volgende volksspelen vastgesteld: ringsteking, mastklimmen en een wedstrijd met roei- en zeilvaartuigen; al de welke spelen worden afgewisseld door de muziek van de daartoe uit te noodigen harmonie St. Cecilia van Kloosterzande. De feesten zullen worden besloten met een prachtig vuurwerk, te vervaardigen door den beroemden vuurwerkmaker, den heer Hendrikx te Antwerpen. Bereids liggen voor dit feest de noodige inteekenlijsten ter deelneming aan de volksspelen in de verschillende herbergen te Walsoorden.”

Een mooi programma, dacht ik zo, tot het gewraakte stuk in ‘Het Hulsterblad.’

“Het Steigerfeest j. l. Zondag te Walsoorden gehouden, heeft zich gekenmerkt, en is door bijzondere omstandigheden gepaard gegaan. Een feest waar geen begin of geen einde te zien heeft geweest, eene welingerigte en te paard gehouden ringrijderij, doch zeer slecht en onnauwkeurig bestuurd, aangezien de eerste prijs, die ridderlijk en eerlijk gewonnen was, is toegekend aan den winner van den tweeden prijs, en die naar alle regelen geen der minste aanspraak op eenigen prijs had, daar het paard daar de prijs mede gewonnen is, in een en dezelve wedren, door twee of drie personen bereden werd, eene mastklimming al te spoedig afgeloopen, eene roei-en zeilwedstrijd de schipperij aangeboden, de prijzen in geld bestaande door de deelnemende voor zij begonnen alreeds onderling hadden overeengekomen en verdeeld, en dus het volk vergast hebben, om eenige bootjes en scheepjes te zien varen, maar zoo onvermoeid wederkeerden als dat zij waren weg gevaren, een ballon en een vuurwerk, dat goed bestuurd werd, doch waarvan vele stukken defect uitvielen. Of nu een en ander toe te schrijven is aan die vele en langdurige beraadslagingen der feestcommissie, waardoor hunne hoofden soms in de war zijn gebracht, of aan andere onbekende oorzaken zijn toe te schrijven, dat bij het publiek altijd een raadsel blijft….Doch hulde moet men brengen aan den onvermoeiden ijver der harmonie St. Cecilia, van Kloosterzande, zoowel voor de vele als kunstige uitvoering hunner gekozen stukken en zonder wier medewerking het feest groot fiasco had gemaakt.

Kloosterzande, 22 mei 1873  X.

Een pleister op de wonde is de hulde die ’X’ brengt aan onze harmonie. Het ‘epistel’ dat in de “Terneuzensche Courant” stond, zal menigeen goed hebben gedaan:

“Hontenisse” den 25 mei 1873, Meneer de Redacteur!!!

Het ook door U tegen den 18 dezer zoo welwillend aangekondigde steigerfeest te Walsoorden is (een weinigje regen op de middag uitgezonderd) naar wensch geslaagd.

Bij algemeene belangstelling, die het feest ondervond, dacht ik, dat er wel een enkele toeschouwer zou gevonden worden, die daarvan eens een flinke beschrijving zou geven, en meende ik mij ontslagen te mogen achten U daarvan een verslag te leveren. Dat schijnt niet geschied te zijn. Integendeel: zekere X te KLOOSTERZANDE poogt in het Hulsterblad van gisteren, met een ABRACADABRA van het ergste soort van dat feest eene kritiek te leveren, die kant noch wal raakt; en het is ook daarom, dat ik thans de pen heb opgenomen, om U van dat feest het een en ander mede te deelen.

Het begin, vervolg en einde, alles was geheel en al overeenkomstig het verspreide programma.

Aan de ringsteking werd door 15 ruiters deelgenomen. Deze wedstrijd geschiedde naar regelen door de commissie vastgesteld, terwijl bij iedere opgehangen ring, twee leden van de commissie aanteekening hielden van het getal ringen, door iederen mededinger met opvolging der gestelde regelen gestoken. De uitkomst bewees, dat na herhaald kampen, de 1e prijs moest toegekend worden aan G. van Huffel,de 2e prijs aan Johs. Duerinck en de 3e aan L. van Remortel, de laatste na overkamping met J. de Waal.

Het mastklimmen geschiedde door 8 mededingers. De 1e en 5e prijs werd behaald door F. Ivens, de 2e door P. van Poecke, de 3e door A. Burm en de 4e door…Asselman.

Dat dit volksspel zoo spoedig afgeloopen was, getuigt van geoefendheid der mededingers en verdient zeker geene afkeurende kritiek.

Aan den roeiwedstrijd namen 7 personen deel. De 1e prijs werd behaald door Jac, Andriessen, de 2e door G. Kas en de 3e door F.van der Wallen.

De zeilwedstrijd telde 14 mededingers, allen uit de gemeente Graauw. 1e prijs P. van Hove, 2e G. d’Haans, 3e niet toegewezen, omdat niemand der overigen aan de regelen van zeilen voldaan had.

Het is waar, zoowel de mededingers aan den roei- als die aan den zeilwedstrijd waren vooraf overeengekomen, dat de drie overwinnaars de behaalde prijzen onderling en gelijkelijk zouden deelen; waarom beknibbelt X ook dat? Is het hem niet bekend, dat b.v. boogschutters, die in gezelschap aan eene gaaischieting deelnemen, vooraf overeenkomen om de winst te deelen of het verlies gelijkelijk te dragen? Waarom zou dat dan ook niet bij dezen wedstrijd of bij dit volksspel mogen plaats hebben?

Het vuurwerk slaagde uitmuntend en niet één enkel stuk is daarvan mislukt. Was het effect van enkele gedeelten minder prachtig, dan hadde  kunnen zijn, dan lag de oorzaak daarvan in den hevigen wind, die ook de voorgenomene illuminatie onmogelijk maakte.

En de werkzaamheden van de feestcommissie, die ook al door de kritiek van X zijn aangevallen? Zij behoeven mijnen lof niet. Ieder onpartijdig toeschouwer heeft de overtuiging, dat zij zich meesterlijk van hare vrijwillig opgenomene, doch moeijelijke taak heeft gekweten; getuige daarvan den geregelden afloop van alles, getuige de door haar aangebragte versieringen enz. enz. Eere zij haar!!

Eere ook aan de bewoners van Walsoorden voor hunne welwillende medewerking, voor de allerwege aangebragte versiering met eerepoorten, vlaggen enz., waaronder wij in de eerste plaats rangschikken de eerepoort met haar fraai transparant: “Hulde aan de Staten Zeeland”, voor de woning van den heer J.F. Adriaansens, en niet minder het prachtig chasinet voor de woning van schipper P. Hermans, vertoonende buiten en behalve het Zeeuwsche wapen met opschrift:”Dank aan de Staten van Zeeland”.

Alleen voor de harmonie heeft X een woordje van lof en goedkeuring. In dat opzigt staat X niet alleen. Velen, zoo niet allen en niet het minst de feestcommissie (vooral haar voorzitter) hebben de verdiensten der Harmonie in de opluistering van dit feest op ondubbelzinnige wijze en met hartelijkheid erkend; en zijn wij wel ingelicht, dan zal eerlang een blijvend bewijs van die erkentelijkheid aan het vaandel der Harmonie prijken. Bij voorbaat betuig ik U Ed. mijne dank, voor de door dezen epistel ingenomen ruimte en ben voortdurend, Uw belangstellende lezer.”

Wat een goed nieuws over onze harmonie, en toch mijn bedenkingen over het blijvend bewijs van erkentelijkheid aan ons prachtige vaandel. Nooit iets van gezien.

Th. C.

Leave a reply